Internationaal financieel stelsel: op de schop of buitenspel?

11 september 2014

P E R S B E R I C H T

INTERNATIONAAL FINANCIEEL STELSEL: OP DE SCHOP OF BUITENSPEL?

Adviesraad pleit voor snelle en grondige hervorming


Den Haag, donderdag 11 september 2014

Het internationale economische en financiële stelsel functioneert niet goed en is dringend aan hervorming toe. Als niet snel wordt ingegrepen, raakt het hopeloos achterhaald. Dat stelt de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) in zijn meest recente advies ‘Naar betere mondiale financiële verbondenheid’. De AIV wijst er op dat besluitvorming uit de pas loopt met de huidige geopolitieke verhoudingen, dat arme landen nauwelijks vertegenwoordigd zijn en dat de steeds grotere vervlechting van financiële markten en internationale vermogenscumulatie adequate reacties vergen.

De wereld heeft behoefte aan financieel-economische stabiliteit, maar met het internationale stelsel dat zijn wortels heeft in afspraken uit 1944 (Bretton Woods) lukt dat niet, aldus de AIV. De nasleep van de crisis van 2008, de dynamiek van de financiële markten en financiële instellingen en groeiende mondiale ongelijkheid voeren de druk op het stelsel op. Een ondoorzichtige opeenstapeling van verdragen en regelingen, die elkaar deels overlappen, maakt het beheer bovendien extra ingewikkeld.

Dit raakt niet alleen het Westen. Ook lage-inkomenslanden hebben baat bij een goed functionerend stelsel. Door hun beperkte integratie in de wereldeconomie ging de crisis van 2008 deels aan hen voorbij en bleven kapitaalstromen van en naar deze landen redelijk op peil. Maar nu de crisis voortduurt, gaan die stromen meer fluctueren, met alle negatieve gevolgen voor de economische groei vandien.

Het ontbreken van een eendrachtige aanpak om financieel-economische stabiliteit in de wereld te bevorderen is volgens de AIV het hoofdprobleem. Ondanks internationale afspraken blijven nationale belangen de boventoon voeren. Afspraken binnen de G20 bijvoorbeeld doen soms meer kwaad dan goed. Een achterblijvende beheersstructuur en gebrek aan toezicht geven andere reden tot zorg.

Volgens de AIV hoeft er geen nieuw stelsel te komen, maar is een grondige herziening van het huidige stelsel wel dringend nodig. Verdere opsplitsing en uitholling door terechte onvrede zoals de recente oprichting van een eigen ontwikkelingsbank door de BRICS-landen kan dan worden voorkomen.

De AIV beveelt aan meer werk te maken van global governance en representativiteit. Dat kan door een nieuw verdragsorgaan onder auspiciën van de VN (Global Economic Co-ordination Council) en hervormingen binnen het IMF, de Wereldbank en de Financial Stability Board. De AIV pleit verder voor expliciete aandacht voor financiering van de ontwikkelingsagenda na 2015, voor een actieve bijdrage door Nederland aan grotere financiële stabiliteit wereldwijd en voor de opbouw van financiële sectoren in lage inkomenslanden.

De veranderingen die de AIV bepleit zijn ingrijpend en zullen soms tijd vergen. Maar ook op de korte termijn zijn er al mogelijkheden om in het huidige bestel winst te boeken ten behoeve van arme landen. De Adviesraad wijst op het beter benutten van bestaande faciliteiten zoals fondsen die arme landen helpen om financiële instabiliteit op te vangen.