Adviesaanvraag 'Digitalisering en Werkgelegenheid in Afrika'

26 april 2019

Aan de Voorzitter van de Adviesraad Internationale Vraagstukken
Mr. J.G. de Hoop Scheffer
Postbus 20061
2500 EB  Den Haag

Datum   26 april 2019
Betreft   Adviesaanvraag 'Digitalisering en Werkgelegenheid in Afrika'


Geachte Voorzitter,

Hoge werkloosheid onder een snelgroeiende jeugdige bevolking vormt in grote delen van Afrika een belemmering voor verdere duurzame en stabiele ontwikkeling. Per jaar komen er naar schatting 3 miljoen banen bij, terwijl dankzij de hoge bevolkingsgroei 10-12 miljoen jongeren zich melden op de arbeidsmarkt. Zowel op het platteland als in de uitdijende steden is er een enorm tekort aan behoorlijke inkomensbronnen voor de jonge bevolking, zowel in de formele als de informele sector.

Belangrijk onderliggend probleem is het achterwege blijven van een 'structurele transformatie' van Afrikaanse economieën. Dit proces, waarbij klassieke agrarische economieën veranderen in moderne economieën met een veel groter aandeel voor industrie en dienstverlening, komt in Sub-Sahara Afrika maar mondjesmaat op gang.

IOB signaleert in een recent rapport1 dat de economische groei in Afrika van de laatste decennia vooral voortkomt uit een hogere export van grondstoffen en landbouwgewassen. De mijnbouw heeft echter een sterk enclave-karakter met beperkte uitstralingseffecten naar de rest van de economie. De toegevoegde waarde is beperkt en studies spreken van jobless growth: groei zonder dat er veel banen bijkomen. Per saldo is de vaak laagproductieve landbouwsector nog steeds de belangrijkste bron van werkgelegenheid in Sub-Sahara Afrika. In de categorie industrie is vooral de bouwsector dominant en in veel landen groeiende. Buiten Zuid-Afrika is er vrijwel geen land met een maakindustrie van betekenis (wellicht met uitzondering van Ethiopië, waar dit in opkomst is).

Wel is de dienstensector veel belangrijker geworden in de economie van Afrika. Nieuw daarbij is de opkomst van zakelijke dienstverlening zoals banken, verzekeringen, ICT en toerisme (waarbij vooral in het toerisme flinke aantallen banen worden gecreëerd). Voor het overige bestaat de dienstensector in Sub-Sahara Afrika vooral uit de overheid en de met urbanisatie zeer sterk toegenomen laagproductieve informele dienstverlening, aldus het IOB-rapport.

Ondertussen staat de wereld aan de vooravond van een volgende fase in de digitale revolutie. Deze zal economische structuren en perspectieven opnieuw sterk veranderen. Het rapport The Future of Jobs and Skills van het World Economic Forum en het World Development Report 2019 laten zien wat er de komende jaren op het gebied van werk staat te gebeuren. Door robotisering en automatisering zullen veel routinematige en laagbetaalde banen verdwijnen. Dat vertaalt zich niet persé in meer werkloosheid, maar wel in een ander type banen waarvoor meer cognitieve vaardigheden en een hoger opleidingsniveau nodig zijn. Als kennis, technologie en data de nieuwe onderscheidende productiefactoren worden, dan kan dit leiden tot toenemende ongelijkheid tussen arm en rijk, slecht opgeleid en goed opgeleid, binnen en tussen landen.

Het onderwerp van deze adviesaanvraag is hoe de komende golven van digitalisering en automatisering uit zullen pakken voor de werkgelegenheid en arbeidskansen voor iongeren in Afrika, en hoe het ontwikkelingsbeleid van Nederland hierop kan inspelen, voortbouwend op de BHOS-nota Investeren in Perspectief. Het advies kan ook een rol spelen bij de implementatie van de BHOS Digitaliserings-Agenda, die deze zomer in de Kamer zal liggen.

Enerzijds zal door snelle automatisering van productieprocessen de aanwezigheid van goedkope arbeid een kleinere rol gaan spelen bij investeringsbeslissingen van bedrijven in de maakindustrie. Afrika kan mede hierdoor slechts beperkt profiteren van het rijker wordende Azië.2 Ook is de vraag of Afrika gezien de digitale achterstand voldoende snel mee kan komen om vruchten te plukken van de nieuwe economische structuren. Onderwijs en andere vormen van scholing gericht op versterken van digitale vaardigheden zijn hierbij cruciale factoren.

Anderzijds biedt digitalisering kansen voor realisering van de SDGs en het creëren van nieuwe (soorten) werkgelegenheid. In meerdere Afrikaanse steden ontstaan al digitale hubs en digitale startups. Digitale toepassingen in bijvoorbeeld de landbouwsector bieden perspectief. Er ontstaan nieuwe informatiediensten en producten die tot betere bedrijfsbeslissingen en hogere  opbrengsten kunnen leiden. Er kunnen nieuwe businessmodellen ontstaan, bijvoorbeeld met de platform economie. Juist jongeren voelen zich aangesproken en benutten de mogelijkheden van deze toepassingen.

De vragen die het kabinet aan de AIV voor advies voorlegt zijn de volgende:

  • Wat zijn met het oog op beter economisch perspectief voor de snelgroeiende jonge bevolking in Afrika de kansen en de risico's van de volgende golf van digitalisering?
  • Waar liggen in Afrika de mogelijkheden om op het gebied van werkgelegenheid de kansen te benutten en de risico's te beperken?
  • Hoe kan het kabinet beleid vormgeven dat Afrika ondersteunt in het proces van digitalisering t.b.v. jeugdwerkgelegenheid? Welke vormen van onderwijs en scholing bieden hierbij het beste perspectief? Wat kan de rol zijn van samenwerking met Nederlandse kennisinstellingen, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties?
  • Wat kan in dit verband specifiek gedaan worden aan verbetering van de economische positie en digitale vaardigheden van vrouwen en meisjes?

Ik zie uw advies met belangstelling tegemoet.

Sigrid A.M. Kaag
Minister voor Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking

_______________________
1 Transitie en inclusieve ontwikkeling in Sub-Sahara Afrika', IOB 2018.
2 Zie bijvoorbeeld Joseph Stiglitz (2017), From Manufacturing Led Export Growth to a 21st Century Inclusive Growth Strategy. Dani Rodrik (2015), Premature Deindustrialization. ACED (2017), African Transformation Report 2017; Agriculture Powering Africa's Economic Transformation.