Briefadvies: De vertegenwoordiging van Nederland in de wereld

24 mei 2017 - nr.32
Samenvatting
Adviesaanvraag

Aan de Voorzitter van de Adviesraad Internationale Vraagstukken
Prof. Mr. J.G. de Hoop Scheffer
Postbus 20061
2500 EB  Den Haag

Datum 17 maart 2017

Betreft Aanvraag (kort) spoedadvies AIV inzake Nederlandse presentie in het buitenland

Geachte heer de Hoop Scheffer,

Ik stel het zeer op prijs van de AIV een (kort) spoedadvies te mogen ontvangen over het thema "Bewerkingtuiging van het buitenlandse beleid: Nederlandse overheidspresentie in het buitenland".

De volledige adviesaanvraag treft u in bijlage aan.

De Minister van Buitenlandse Zaken,

Bert Koenders


Spoedadvies aanvraag: “Bewerktuiging van het buitenlandse beleid: Nederlandse overheidspresentie in het buitenland”.

Inleiding
Nederland is als middelgrote mogendheid, met een open samenleving en een open economie, en een historisch gegroeide ‘mondiale’ oriëntering, zeer sterk afhankelijk van het buitenland. Het palet aan buitenlandse uitdagingen heeft een grote en directe invloed op Nederland en Nederlandse burgers.
De invloed van ontwikkelingen in het buitenland op de veiligheid, welvaart en duurzaamheid in Nederland verandert van aard en neemt in omvang toe.

Veiligheid van Nederland en Nederlanders wordt direct beïnvloed door een toenemend assertief Rusland, fragiele en gefaalde staten aan de randen van Europa, terrorisme, cyber en hybride dreigingen, opkomst van “illiberal democracies”, sterk toegenomen invloed van non-statelijke actoren (ook vijandelijke) op buitenlands beleid alsmede toenemende (onwenselijke) buitenlandse beïnvloeding van het Nederlandse sociaal-politieke bestel.

Onze welvaart is sterk afhankelijk van de export, die wordt beïnvloed door de "rise of the rest" en een economische shift naar Azië, van de gevolgen van de Brexit, van protectionistische tendensen, maar ook van kansen om nieuwe markten aan te boren.

De duurzaamheid van onze samenleving wordt geraakt door (geo)politieke gevolgen van klimaatverandering, de gevolgen van de demografische explosie in Afrika, humanitaire crises/ ongelijkheid en de daaruit ontstane migratiestromen.

Antwoorden op deze vraagstukken die de Nederlandse samenleving direct raken, zocht Nederland traditiegetrouw via een sterke Transatlantische relatie, via versterking van het multilaterale stelsel alsmede via Europese samenwerking. Velen voelen onzekerheid over de trans-Atlantische verhoudingen. Het multilaterale (liberaal-democratische) stelsel dat is opgebouwd na de Tweede Wereldoorlog, alsmede de universaliteit van bepaalde ordeningsprincipes (inclusief mensenrechten en internationaal recht), staan sterk ter discussie. Die ordeningsprincipes zijn essentieel voor het Nederlands economisch belang (level playing field, afspraken over internationale vrijhandel, etc.). We zien dat de samenwerking in de Europese Unie steeds intensiever wordt, waarbij de belangen die voor Nederland op het spel staan steeds groter worden. De onderwerpen op de agenda zijn ook in toenemende mate onderwerp van (binnenlands-) politieke controverse, zowel in Brussel als in de Europese hoofdsteden. Het onderhandelingsspel vindt in een Unie van 28 lidstaten niet alleen meer plaats aan de tafel in Brussel, maar ook tussen de hoofdsteden. De kwaliteit van de informatiepositie bepaalt mede de effectiviteit van de onderhandelingsinzet.

Dit alles vereist een actief en wendbaar optreden van Nederland in het buitenland (zowel in bilateraal als multilateraal verband) om de Nederlandse belangen veilig te stellen en ons waardenstelsel uit te dragen en te verdedigen.

Vragen
Tegen deze achtergrond stelt het kabinet het op prijs een advies van de AIV te mogen ontvangen met een antwoord op de volgende 3 vragen:

  1. Hoe zou de Nederlandse overheid bewerktuigd moeten zijn om in het buitenland de Nederlandse belangen in deze snel veranderende internationale omgeving adequaat te behartigen en waarden uit te dragen? Wat heeft Nederland daarvoor nodig?
  2. Is de Nederlandse overheidspresentie (postennet) in het buitenland (Ambassades, Permanente Vertegenwoordigingen, Consulaten-generaal, NBSO's) voldoende toegerust om effectief in de sterk veranderende internationale omgeving te kunnen opereren?
  3. Heeft Nederland zijn posten in dat perspectief op de goede plaatsen (landen/steden/organisaties) ontplooid? Welke geografische of thematische leemtes zijn er?
     
Regeringsreacties

Koenders onderschrijft advies: ambassades hebben versterking nodig

Er is extra geld nodig om de capaciteit van Nederlandse ambassades en consulaten in het buitenland op peil te brengen. Minister Koenders van Buitenlandse Zaken onderschrijft deze conclusie van de Adviesraad voor Internationale Vraagstukken (AIV) in het rapport De Vertegenwoordiging van Nederland in de Wereld.

‘In navolging van de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid eerder deze maand schetst de AIV op een overtuigende manier dat de ontwikkelingen in de wereld vragen om uitbreiding van onze ambassades en consulaten,' aldus Koenders. Er is sprake van fors meer onveiligheid in het buitenland waar we in eigen land in vele vormen last van hebben, zoals migratie, terrorisme, criminaliteit en cyberdreigingen. ‘Dat levert veel extra werk op voor onze vertegenwoordigingen in het buitenland.’

Ook de economische concurrentie vraagt om meer diplomatieke inzet. ‘Het succes van Nederlandse bedrijven schept enorm veel groei en banen in Nederland. Maar om succesvol te blijven, hebben bedrijven steeds vaker de hulp van onze diplomaten nodig, bijvoorbeeld om deuren te openen bij overheden die aan protectionisme doen en een grote vinger in de pap hebben van de economie,' stelt Koenders.

De minister wijst er ook op dat Nederlanders steeds vaker, verder en avontuurlijker reizen terwijl de wereld de afgelopen jaren onveiliger is geworden. Ook dat vraagt meer van ambassades op het gebied van reisadviezen om problemen te voorkomen en consulaire bijstand als het mis gaat.

De afgelopen jaren is fors bezuinigd op onze ambassades. Ten opzichte van 20 jaar geleden sturen we een derde minder ambtenaren naar onze diplomatieke posten: 834 nu ten opzichte van 1250 in 1997. De AIV concludeert zelfs dat het op veel plekken zodanig knelt dat veelvuldig stagiairs worden ingezet op functies die eerder door diplomaten werden vervuld.

Koenders: ‘Ik ben enorm trots op hoe onze diplomaten door het vuur gaan voor de Nederlandse belangen. Het is hoog tijd dat na vele jaren van krimp weer wordt geïnvesteerd in onze diplomatieke slagkracht.’

Reactie van VNO/NCW:

‘Investeren in postennetwerk noodzakelijk voor behoud welvaart’

VNO-NCW en MKB-Nederland onderschrijven het advies van de Adviesraad Internationale Vraagstukken om jaarlijks 70 tot 80 miljoen euro extra nodig is voor het buitenlandse postennetwerk. Ook minister Koenders van Buitenlandse Zaken reageerde vanochtend met instemming.

Nederland verdient zijn geld voor een groot deel in het buitenland, stellen VNO-NCW en MKB-Nederland. Willen we onze welvaart behouden, dan moeten we in 2030 40 procent van ons inkomen in het buitenland verdienen, aldus de ondernemingsorganisaties. Dat is nu ongeveer 30 procent. Dit betekent volgens de twee organisaties onder andere dat het Nederlandse MKB, dat nu voor een groot deel gericht is op de Europese markt, meer moet gaan profiteren van markten die verder weg liggen.

In veel van deze landen buiten Europa speelt de overheid een belangrijke rol in de economie. Bedrijven kunnen dan bij het zakendoen een steuntje in de rug van ambassades goed gebruiken, denken VNO-NCW en MKB-Nederland. De Nederlandse posten in het buitenland zijn volgens de ondernemingsorganisaties in staat om deuren te openen voor ondernemers, te onderhandelen over het wegnemen van handelsbelemmeringen en waardevolle informatie over de zakencultuur, potentiële zakelijke partners en aanbestedingen te leveren.

Het advies van de AIV sluit ook mooi aan bij het rapport van de Stuurgroep Buijink  ‘Team Nederland: samen sterker in de wereld’, vinden VNO-NCW en MKB-Nederland. Dat is op 26 april aangeboden aan de ministers Ploumen en Kamp en de voorzitter van de Dutch Trade and Investment Board. Ook hierin wordt gepleit voor een extra investering in het postennetwerk, met name op het vlak van handel, innovatie, agro en acquisitie.

De waardering van ondernemers over het werk van ambassades is overigens al jaren hoog. Zo gaven circa 800 ondernemers die geënquêteerd werden voor de Ambassadeprijs 2017 het werk van de posten gemiddeld een 8,7.

Persberichten

AIV: De vertegenwoordiging van Nederland in de wereld: een pleidooi tot versterking

Den Haag, 21 mei 2017

De staat van het Nederlandse netwerk van diplomatieke missies in de wereld is zorgwekkend en verdient dringend versterking. Dat stelt de Adviesraad Internationale Vraagstukken (AIV) in het vandaag verschenen briefadvies ‘De vertegenwoordiging van Nederland in de wereld’. De AIV schat dat structureel ten minste een bedrag van EUR 70-80 miljoen per jaar nodig is om de ergste knelpunten weg te nemen.

De AIV stelt vast dat de internationale omgeving van Nederland door een aantal ontwikkelingen en vraagstukken sterk is gewijzigd. Voorbeelden daarvan zijn de toegenomen migratieproblematiek, de verwevenheid tussen interne en externe onveiligheid, het streven naar duurzaamheid en ook de bilateralisering van de Europese politiek. Het takenpakket van de hedendaagse ambassades, consulaten en vertegenwoordigingen bij internationale organisaties is aanzienlijk breder en complexer geworden, terwijl aan de uitvoering van specifieke taken hogere eisen worden gesteld. Vrijwel alle Nederlandse ministeries onderhouden internationale betrekkingen en de verantwoordelijkheden van Buitenlandse Zaken voor facilitering en coördinatie zijn ook daardoor sterk gegroeid.

De afgelopen jaren is sterk bezuinigd op de Nederlandse presentie in het buitenland. Het aantal en de bezetting van de buitenlandse vertegenwoordigingen is ingekrompen. Het postennetwerk van Nederland is verkleind en verzwakt. De veronderstelling dat versnelde wereldwijde communicatie de fysieke aanwezigheid in het buitenland minder belangrijk maakte is onjuist gebleken. Aanwezigheid ter plaatse is nodig voor effectieve beïnvloeding van buitenlandse regeringen en het openen van deuren voor Nederlandse bedrijven. Persoonlijke betrekkingen met regeringsvertegenwoordigers en netwerken met lokale spelers moeten goed worden onderhouden. Dit kan niet op afstand vanuit Den Haag gebeuren. Een groot aantal ambassades is thans onderbezet. Buitenlandse Zaken moet zowel voor de posten als voor het departement in Den Haag een groot beroep doen op stagiairs, thans 736, om de gaten te vullen.

Een versterking van het postennetwerk van Nederland en vooral meer ondersteunende functies op de ambassades zijn nodig om de belangen van ons land goed te behartigen. Dit raakt niet alleen het ministerie van Buitenlandse Zaken, maar ook vele andere vakdepartementen.

Bij de noodzakelijke versterking van posten adviseert de AIV prioriteit te geven aan (1) de posten in die landen die gelegen zijn in de ring van instabiliteit aan de oost- en zuidflank van Europa en (2) de Nederlandse vertegenwoordigingen in de EU-lidstaten. Versterking van de posten aan de randen van Europa is vooral nodig in het kader van het Nederlands beleid dat is gericht op de voorkoming van conflicten, stabilisatie van zeer instabiele gebieden, betere beheersing van migratiestromen, en bestrijding van diverse vormen van internationale criminaliteit.

De door de AIV noodzakelijk geachte investering van Euro 70 tot 80 miljoen per jaar is, gemeten naar de omvang van de totale rijksbegroting bescheiden. Zij levert echter wel een groot maatschappelijk nut op in termen van veiligheid, consulaire ondersteuning van burgers, bevordering van de financieel-economische belangen en andere gewichtige belangen en waarden van Nederland.